Hoe meer informatie je hebt over het fruit (soort en ras), hoe beter je kunt inschatten wanneer je moet plukken. In de tabel verderop vind je een overzicht van de oogstperiode per fruitsoort.

Toch is de exacte oogstdatum moeilijk te voorspellen. Hij hangt ook af van het weer tijdens het groeiseizoen en dat is elk jaar verschillend. Bovendien kunnen er verschillen in rijpheid zijn binnen eenzelfde boom. De bloesems komen niet tegelijk uit en niet alle vruchten krijgen evenveel zonlicht. Bij een groot aantal rassen rijpen de vruchten gespreid af over twee of drie weken.

Proeven en observeren

Bij zachte vruchten (aardbeien, bessen, druiven pruimen en kersen), kun je afgaan op de smaak om de plukrijpheid te bepalen. Je plukt ze wanneer ze helemaal op smaak zijn. Pitfruit, appels en peren, ontwikkelen hun zoete smaak nog na de oogst. Ze smaken het best na een bewaring van enkele weken tot zelfs maanden voor een aantal bewaarrassen. Om te weten of pitfruit plukrijp is, kijk je of het gemakkelijk loskomt als je het opzij of omhoog draait. Zodra het steeltje knakt, kun je plukken! Een andere indicator is de kleur van de pitten. Rijp pitfruit heeft bruine pitten.

Bessen vallen niet zo snel van de struik en mogen dus nog gerust enkele weken blijven hangen. Als het begint te regenen, kun je regengevoelige rassen beter snel plukken, omdat de bessen anders gaan barsten.

Image
Fruit plukken
Foto: François De Heel

De juiste pluktechniek

Neem de vrucht met de volle hand vast en kantel met een zachte beweging naar boven tot ze van de tak loskomt. Pluk je met een plukstok, probeer dan de plukbeweging met de hand na te bootsen. Schud of trek niet te hard aan de takken. Je kunt zo het vruchthout beschadigen waar volgend jaar nog fruit aan komt. Bij bessenstruiken haal je de trossen voorzichtig af door de takjes af te knippen met een schaar of af te knijpen met je nagels.

Goed plukken is niet alleen belangrijk voor de boom, maar ook voor een goede bewaring en kwaliteit van de oogst. Beschadigd fruit is gevoeliger voor aantasting door schimmels, en is daardoor niet meer geschikt voor bewaring. Appels, pruimen en peren hebben een dunne schil en zijn daarom extra kwetsbaar. Wees dus voorzichtig bij het plukken, en behandel de vruchten ook na het plukken met zachtheid. Knijp niet te hard in de vrucht en laat haar niet vallen. Probeer het kroontje of steeltje van de vrucht mee te plukken zodat de vruchten langer bewaren.

Sorteer de vruchten meteen, bij voorkeur in 3 groepen:

  • Gave en grote vruchten: die bewaar je het langst. De bewaartijd is afhankelijk van het ras.
  • Licht gekwetste vruchten: die kun je maximaal twee weken bewaren en verwerken. Je maakt ze schoon en snijd er de kwetsuren af net voor je ze eet of verwerkt. Fruit met schurft vormt geen probleem, maar omdat het minder mooi oogt, leg je het bij deze groep.
  • Gevallen en gehavend fruit kun je niet bewaren. Je kunt het tot sap persen, pasteuriseren en er eventueel cider van maken.

Benodigdheden voor het plukken

Plukzakken en -manden

Een mand die zacht is binnenin krijgt de voorkeur. Er zijn speciale plukmanden op de markt of je kunt een gevlochten mand, plastic emmer of jutte zak gebruiken. Je kunt ook gebruik maken van een draagbare plukzak of pluktas met een schouderriem, zodat je je handen vrij hebt om te plukken.

Image
Plukstok
Plukstok
Foto: Jolijn Degrande

Ladder en plukemmers

Als je hoge fruitbomen plukt, dan is een ladder handig. Je kunt een speciale fruitladder of driepootladder gebruiken. Deze ladder heeft aan één kant sporten. De andere kant bestaat uit een steun. Deze ladder hoeft niet tegen de boom te steunen en zorgt voor voldoende stabiliteit. Een fruitladder is ook smaller aan de bovenkant. Zo raakt ze gemakkelijker tot in de kruin van de boom.

Als je op een ladder staat, zorg er dan voor dat je steeds beide handen vrij hebt: één om te plukken en één om de ladder vast te houden. Dit doe je door plukzakken of emmers aan de ladder te hangen. Hang jouw emmer of plukmand altijd aan de kant van de hand waarmee je plukt. Klim je een hoge ladder op, dan kun je het best met zijn tweeën gaan plukken. Zo kan iemand onder aan de ladder staan en ze vasthouden zodat je stabiel op de ladder staat.

Bewaardozen en -kisten

Gebruik ondiepe kartonnen dozen of plastic (vouw)kistjes om het geoogste fruit in te bewaren. Zorg ervoor dat het materiaal stevig genoeg is zodat het tijdens het transport stabiel blijft. Zorg ervoor dat het fruit niet kan verschuiven en stapel het niet te hoog om kneuzing tegen te gaan.

Plukstok

Met een plukstok kun je fruit vanop de grond plukken. Plukstokken zijn vooral geschikt voor groter
en harder fruit
zoals appelen en peren en als je een beperkte hoeveelheid fruit wil plukken.

Fruit bewaren

Oogst je veel fruit in dezelfde periode? Bewaar het fruit dan op een gepaste manier of verwerk het om er nog lang plezier van te hebben. De bewaartijd hangt ook af van de fruitsoort en het ras. In de tabel vind je een overzicht van de bewaartijd per fruitsoort.

Appel en peer

Bij appel en peer gaat het rijpingsproces na het plukken nog even verder. Ze produceren ethyleen, een gas dat zorgt voor het rijpen of zoeter worden van fruit. Om het afrijpingsproces te vertragen, bewaar je het fruit het best op een koele, vorstvrije en donkere plaats zoals een garage, schuur of kelder. Zorg ook voor voldoende luchtcirculatie, bijvoorbeeld door de deuren of ramen soms open te zetten, zodat het ethyleen weggevoerd wordt. Je kunt ze ook buiten bewaren onder een afdak tegen een muur met een deken erbovenop.

Appels en peren blijven langer goed als je ze in houten rekken of stappelkisten bewaart. Het hout neemt het vocht op dat de appels tijdens de bewaring verliezen. Zo voorkom je dat bewaarschimmels zich nestelen. Afhankelijk van het ras kun je het fruit bijna een jaar lang bewaren. Zomerrassen, die je al in augustus oogst, bewaren maar enkele weken. Winterrassen, die je in oktober of later plukt, kun je nog de hele winter eten. Ten slotte is het ook belangrijk dat je rassen met een verschillende bewaartijd niet samen bewaart. Een vroeger rijpend ras scheidt een gas uit dat een later rijpend ras sneller doet afrijpen.

Zacht fruit

Aardbeien, bessen, druiven, pruimen en kersen produceren geen ethyleen. Ze kunnen dus niet meer narijpen als je ze geplukt hebt. Deze fruitsoorten pluk je eetrijp en zijn slechts kort houdbaar. Je bewaart ze het best in de koelkast.

Image
Fruit plukken
Foto: François De Heel

 

Interessante boeken over dit thema

Image
Velt-samentuin Koudenborm
Activiteiten over dit thema

De Velt-groepen organiseren heel wat workshops, lezingen en andere activiteiten over koken, tuinieren en meer. We verzamelen ze voor jou in een handige activiteitenkalender met kaart.

Image
Zaaien
Vraag het de expert (exclusief voor leden)

Heb je nog een vraag over dit thema en ben je lid van Velt? Dan kun je te rade gaan bij een van de Velt-experten.

Image
Veelgestelde vragen

Leden van Velt weten meer

Voor kennis en praktische tips over ecologisch tuinieren en koken moet je bij Velt zijn.

Geniet van deze schat aan informatie.

Word lid van Velt

Sponsors

Abonneer je op onze nieuwsbrief