Beschik je over voldoende ruimte, dan kun je een wadi of poel aanleggen. Je leidt het regenwater dat op het dak valt (of op de overloop van de ton) naar hier.

  • Bij een wadi wordt meestal een filterbed aangebracht. Dat doet men als de bodem zelf niet erg doorlatend is. Een filterbed verhoogt de doorlaatbaarheid en dus de capaciteit.
  • Een poel is dieper, tot onder de wintergrondwatertafel, en vangt tijdelijk regenwater op. Het regenwater kan daarin langzaam infiltreren. Een beplante moeraszone naast de poel is nuttig én mooi. Bij overvloedige regen is het een extra infiltratiezone als de poel overloopt. Let op: een poel is niet hetzelfde als een vijver. Een poel is meestal nat in de winter en valt droog in de zomer.

Het water moet wegvloeien van je huis, bijvoorbeeld via een ondiepe, open goot, gemaakt van het materiaal van je terras of paadjes. De hellingsgraad bedraagt 1 à 2 cm per m. Het is nuttig om toch een overloop naar het riool te voorzien. Zo ga je bij overvloedige regenval het risico op een ernstige overstroming tegen.

Een wadi

Een wadi (het Arabische woord voor ‘woestijnrivier’) is een ondiepe, brede greppel waarin het regenwater wordt opgevangen en langzaam in de bodem kan dringen. Wadi staat ook voor waterafvoer door infiltratie.
Een wadi kan vol water staan, maar kan ook een hele poos droog zijn. Hij is begroeid met gras. Onder de wadi kun je grind of gebakken kleikorrels gebruiken als filterbed. Dat is nodig op zware grond, op zandgrond niet. Daardoor kan het regenwater beter doorstromen. Rondom het grind plaats je een filterdoek, zodat er geen grond tussen het grind kan komen. 

  • Maak de wadi niet dieper dan 30 cm.
  • Zorg voor zachte hellingen van de kom (< dan 45%).
  • Voorzie de wadi van slokops. Dat zijn overloopvoorzieningen die direct op een afvoerbuis zijn aangesloten. Als het water boven het niveau van de slokop stijgt, stroomt het water via de slokop naar de afvoerbuis.
  • Houd de wadi vrij van bladeren.
  • Maai het gras regelmatig.
  • Plant oeverplanten aan de randen.

Een poel

Een poel kan veel regenwater opvangen. Een beplante moeraszone verhoogt het waterbergend vermogen. Je hebt er wel ruimte voor nodig in je tuin. Reken op -1,5 m op het diepste punt en zorg voor zacht hellende oevers. Het waterniveau in de poel hangt af van de frequentie en de intensiteit van regenbuien. Dat wisselende waterpeil zorgt voor extra dynamiek in je tuin. Je kunt de randen en een deel van de wanden beplanten met oeverplanten. Zaailingen van wilgensoorten moet je verwijderen, anders groeit je poel dicht.

Planten die wisselende waterstand aankunnen

Voedselrijke kleigrond

  • Darmera peltata schildblad
  • Filipendula ulmaria moerasspirea
  • Galium palustre moeraswalstro
  • Iris siberica Siberische lis
  • Lysimachia nummularia penningkruid
  • Lythrum salicaria grote kattenstaart
  • Persicaria bistorta adderwortel

Matig voedselrijke zand-leem- en leembodem

  • Geranium palustre moerasooievaarsbek
  • Geum rivale knikkend nagelkruid
  • Iris ensata Japanse iris
  • Ligularia dentata kruiskruid
  • Fritillaria meleagris kievitsbloem

Voedselarme zure zandgrond

  • Erica tetralix gewone dopheide
  • Narthecium ossifragum beenbreek
  • Osmunda regalis koningsvaren
  • Thelypteris palustris moerasvaren
  • Vaccinium oxycoccos kleine veenbes

 

Dit artikel werd opgemaakt binnen het project 'Naar een efficient waterbeheer met groenzones'. Een gezamelijk PDPO-project van Proefcentrum voor Sierteelt, Vereniging voor Openbaar Groen, VELT en Regionaal Landschap Schelde-Durme.