(Verslag door Geertje Meire) Kessel-Lo telt maar liefst drie samentuinen. Het is duidelijk dat ook stadsmensen almaar meer tuinieren. De Zavelhof, in de Zavelstraat, is een van de drie tuinen. Ik ga er een kijkje nemen op een samenwerkdag en mijn aankomst leidt al meteen tot een grappig misverstand: ik word verward met een nieuw lid en krijg prompt een hark in mijn handen geduwd. ‘We maken het pad schoon!’ luidt de verklaring. Als even later blijkt dat ik eigenlijk voor een reportage kom, wordt het gereedschap mij even snel weer uit handen genomen...

De Zavelhof beleeft zijn tweede tuinseizoen. Het gedachtegoed van Transitie Leuven legde hier de bodem voor een vruchtbare (samen)werking. Het land was vroeger graasweide, kwam later braak te liggen, en wordt nu ter beschikking gesteld door de eigenaar om te tuinieren. Het is verdeeld in 28 percelen van ongeveer 50 m². Hier dus geen tuin van iedereen samen, maar een ‘volkstuin met een grote plus’. Want de tuiniers werken wel degelijk samen: er is een gemeenschappelijk gedeelte met een gereedschapshok, een composttoilet en bessenstruiken. De  Velt-praktijkbegeleider staat hen gezamenlijk bij en ook de serre, de mest en de houtsnippers worden gedeeld.

Duidelijkheid troef

Momenteel zijn er zowat 30 actieve leden van uiteenlopende leeftijden. De Zavelhof heeft geen website, maar intern is er al een strakke organisatie: er is een soort afsprakennota, die men in de omgang al grappend ‘charter’ noemt. Alle info is voor iedereen toegankelijk via Dropbox, een superhandig communicatiekanaal. De minder onderlegde computergebruikers kregen een peter toegewezen, zodat ze meer leren dan louter tuinieren. Al de taken zijn verdeeld in werkgroepen: van de lijst met de deelnemers aan de samenwerkdagen opstellen, over de orde in het gereedschapshok handhaven of pers en geïnteresseerden contacteren, tot festiviteiten organiseren.

De tuin ligt in een woonstraat. De huizen rondom zijn stuk voor stuk voorzien van een ruime tuin, dus de buren zijn geen samentuiniers. Toch wordt de buurt zo veel mogelijk betrokken en  geïnformeerd, zeker als er (feestelijke) activiteiten plaatsvinden. Inmiddels is de achterdocht rond het project en mogelijke overlast of hinder verleden tijd. Bij de officiële opening in juni 2012 was de stad Leuven aanwezig om de nodige tuinlinten door te knippen en gratis compostvaten van de compostmeesters te schenken. De stad beschouwt de tuin wel vooral als een privé-initiatief.

Tips en trucs

De tuin staat onder de hoede van praktijkbegeleider Jonas Vleugels. Jong, maar toch al een wandelend vat vol ervaring. Hij liep stage op het biodynamische bedrijf De Wriemeling en startte dit jaar met CSA-tuin ‘De Wakkere Akker’ in Herent. Als Jonas aankomt, legt iedereen het werk neer voor ‘de les’. Eerst wat theorie – hoewel altijd praktijkgericht – waarbij Jonas vertrekt van een vraag of iets wat specifiek is voor de tijd van het jaar. Vandaag legt hij uit wat je nog laat (juli-augustus) kunt zaaien en waarom. Hij brengt ook wat gereedschap mee, o.a. een vlijmscherpe én zelfslijpende hak.

In tegenstelling tot wat je misschien zou denken, moet je in periodes van aanhoudende droogte veel schoffelen en hakken. Niet alleen om het onkruid te domineren, maar vooral ter bescherming van de onderlaag. In feite breng je al harkende een beschermend laagje aan, en zo houd je de ondergrond vochtiger. Vergelijk het maar met een mulchlaag. Een weetje dat ik beslist moet onthouden, al vind ik het best jammer dat de waarheid niet strookt met mijn boerenverstand.

We struinen door alle tuintjes. Iedereen geeft zijn ogen de kost en ‘tuinproblemen’ worden in groep besproken. Dat de tuiniers beginnen te vergelijken, is haast onvermijdelijk. Wie heeft de meeste courgettes? Bij wie bulken de aardbeiplanten van de glanzende rode vruchten? Bij de ene zijn de kolen al voetbalgroot, terwijl bij de andere de kiemblaadjes nog zichtbaar zijn. Jonas legt uit dat je echter niet naar de grootte moet kijken, maar dat je moet voelen of de kool hard is. Dán is het tijd om te oogsten, ongeacht het formaat. De zandleemgrond is zwaar om te bewerken, vooral omdat de bodem lang weide was. Omdat de grond nog losser moet worden, had Jonas de teelt van schorseneren niet aangeraden. Desondanks volgde tuinier Herman zijn gevoel. Terwijl ik toekijk, oogst hij met een brede glimlach zijn eerste schorseneer.

Ten strijde tegen slakken

Helaas wordt De Zavelhof veelvuldig bezocht door de familie slak. Om de schade te beperken, zijn alle ecologische middelen toegestaan. Naast de bekende groene escargotkorrels van Ecostyle, zie ik veel plastic flessen of kartonnen dozen die het jonge plantgoed beschermen, al dan niet met een extra damescargot errond. Planten zoals pompoenen laat men opzettelijk in de hoogte klimmen.

Sommige tuiniers experimenteren met aaltjes/nematoden van Bioslug, zonder meer de duurdere optie. De aaltjes zoeken de slakken op en dringen ze binnen via de mantelholte. Speciale bacteriën die in symbiose leven met de nematoden komen vrij in het slakkenlichaam. Aangetaste slakken stoppen na enkele dagen met eten en sterven af. In het dode slakkenlichaam ontwikkelen zich nieuwe generaties aaltjes die op zoek gaan naar nieuwe prooien.

Je ziet in de tuin een groot aantal manieren om groentebedden af te bakenen: stoeptegels, dakpannen, touw, opgehoogde bedden, houten bakken ... Daar gelden duidelijk – en gelukkig maar – geen regels voor. Voorwaarde is dat je ecologisch tuiniert, en je wordt vriendelijk gevraagd om je lapje grond zo onkruidvrij mogelijk te houden. De Zavelhof vormt een mooi, kleurrijk lappendeken met een beetje verscheidenheid, maar vooral veel eenheid.