Image
Kleine veldkers
Tekening: Ben Peeters

Kleine veldkers (Cardamine hirsuta) is een éénjarige kleine tot zeer kleine wilde plant.

Waar groeit het?

Je vindt kleine veldkers in tuinen, plantsoenen, duinen, rotsachtige plaatsen, akkers, langs heggen, bermen en dijken, tussen bestrating en sterk verweerde muren.

Wanneer groeit en bloeit het?

Kleine veldkers kiemt voornamelijk tegen de winter en vormt veelstengelige rozetten die in het voorjaar (februari tot juni) bloeien.

Hoe herken je het?

De vele geveerde bladeren aan de voet vormen een compact rozet. Elk geveerd blad bestaat uit verschillende niervormige deelblaadjes. Aan het einde van de winter komt uit het rozet een aantal recht opgaande stengels tevoorschijn met aan de top een tros bloemen. De stengels zijn kaal en dragen 1 tot soms 3 of 4 geveerde bladeren. De bloemetjes zijn klein en wit van kleur en hebben 4 witte bloemblaadjes.

Heel herkenbaar aan de plant zijn de uitstekende langwerpige vruchten die men 'hauwen' noemt. Deze hauwen steken boven de bloemen uit. Als de hauw rijp is, springt ze open waarbij de twee kleppen van beneden naar boven snel oprollen, waardoor de zaden weggeschoten worden. Ze kunnen wel 1 meter ver springen.

Waarom is het nuttig?

Kleine veldkers is een waardplant voor het oranjetipje en het groot koolwitje, twee inheemse vlinders. Waardplanten zijn specifieke planten waar een vlinder haar eitjes op afzet. De rupsen zullen van de plant smullen in hun ontwikkeling tot vlinder. Kleine veldkers wordt ook bezocht door wilde solitaire bijen zoals de grasbij. De vrouwtjes van de grasbij nestelen zich in vaak in grote getale in de grond.

Sponsors

Abonneer je op onze nieuwsbrief