Je bent hier:

Winterkeuken

Winterse stoofpotjes

Reacties (0)

Is er iets gezelliger tijdens die koude, donkere wintermaanden dan het geluid van een pruttelende gietijzeren pot op het fornuis? Dit is dan ook hét seizoen voor stoofpotjes. De stoofpot vindt zijn wortels in ons culinair verleden. In de middeleeuwen werden de meeste maaltijden op die manier bereidt. Het leven speelde er in de winter voornamelijk af rond de open haard. Het vuur waaraan iedereen zich warmde was meteen ook de kookplaat om het eten op te bereiden. Energiebesparing avant la lettre.

Ook nu zijn stoofpotjes een ecologische keuze als je slim omgaat met je energie. De wat langere bereidingstijd van het stoven wordt gecompenseerd door het feit dat je er een eenpansgerecht mee bereidt. Houd steeds het deksel op de pot en benut ook de restwarmte van je vuur om je gerecht te laten nagaren. Op die manier gaat er geen energie verloren. Je kan ook kiezen om je stoofpot te bereiden in een hooikist. Dit is een bak met hooi waarin je een kookpot kan laten verdergaren nadat je hem aan de kook brengt. Door de isolerende werking van het hooi blijft het stoofproces op gang. Het enige wat je verbruikt is tijd. Door het langzame warmteverlies gaat het stoven immers veel trager. Je zet je gerecht dus best ‘s morgens of ‘s middags  in de hooikist om er ‘s avonds van te genieten.

De klassieke stoofpotjes zoals stoverij, vol-au-vent of hutsepot hebben hun succes al meermaals bewezen maar groenten krijgen er helaas vaak een bijrol. Probeer een stoofpot te maken met ¼ vlees en vul aan met die heerlijke wintergroenten als raapjes, boerenkool, wortels, prei, pastinaak of spruitjes. Of maak het meteen plantaardig en vervang het vlees door peulvruchten, tofu of seitan. Hiervoor kan je gerust een klassiek recept gebruiken. Vervang gewoon het vlees door een vleesvervanger. Breng die wel eerst goed op smaak door hem te marineren of voor te bakken met look, een scheut sojasaus, zwarte peper en kruiden naar keus. Zo wordt het een warme én duurzame winter.


Seitan Stroganoff

Voor vier

400g seitan - 150g uien - 300g kastanjechampignons - 150g wortels - 150g pastinaak - 100g tomatenpuree - 3 tenen geperste look - 400 ml groentebouillon (1 el bouillonpasta in 400 ml kokend water) - 200ml soja of haverroom - 4 el olijfolie - 50 ml droge witte wijn - 50 ml wodka - 2 laurierbladeren - 2 takjes tijm - busseltje peterselie - olijfolie - peper en zout

Versnipper de ui en snijd de seitan in dobbelsteentjes van 3 cm. Bak de seitanblokjes in olijfolie tot goudbruin. Voeg de versnipperde ui, de look, champignons en de tomatenpuree toe. Laat bakken tot de ui glazig wordt. Blus met de witte wijn en de wodka. Laat 3 minuutjes sudderen. Voeg wortels, pastinaak,  laurier, tijm, bouillon en peper en zout toe. Plaats het deksel op de pot en breng aan de kook. Draai dan het vuur laag en laat een half uurtje verder garen op laag vuur (dit kan ook in de hooikist maar dan 2 uur).

Zet het vuur uit. Roer de room onder de stoofpot en werk af met versnipperde peterselie. Dien op met een stevige knolselder- of pastinaakpuree.


Wat krijg je vandaag nog op je winterbord?

Vijf tips voor een ecotastisch eindejaar!

Reacties (0)

Het begin van de winter betekent het einde van een jaar en dat gaat gepaard met feestgedruis en uitgebreid tafelen. De keerzijde van dit plaatje is dat we vaak geen maat kunnen houden bij dat feesten. Overvloed wordt overdaad en overdaad resulteert jammergenoeg al te vaak in  overschot. De supermarkten liggen deze dagen dan ook vol met de meest verleidelijke en exquise producten. Niet alleen hangt aan dit stukje luilekkerland een pittig prijskaartje, de ecologische voetafdruk weegt deze dagen loodzwaar. Nochtans kan het makkelijk anders en dat hoeft de pret niet te bederven.

Vijf tips voor een ecotastisch eindejaar!

  1. Minder verpakking

Vermijd wegwerpmateriaal (borden, glazen, potjes, bestek), maak eetbare verpakking voor je hapjes (witloofschuitjes, hapje in een deegje, koolrolletjes) en  koop eens in een verpakkingsloze winkel.. Tijdens de feestdagen durven producenten hun waren immers nog eens extra ‘mooi’ in te pakken.

Serveer kraantjeswater in een mooie kan en voeg wat munt en schijfjes citroen toe voor een feestelijk resultaat of maak je eigen bubbels met spuitwater, appeldiksap, vlierbloesemsiroop,...

  1. Variatie

Wees creatief, wijk al eens af van de standaardformule van je feestmenu. Een tafel vol verschillende slaatjes, stoofpotjes, hapjes allerlei is een verademing na het klassieke tafelen en vaak ook minder arbeidsintensief. Zo geniet je zelf het meest en verwerk je op je gemak heel wat verschillende soorten groenten en fruit van het seizoen. Als je niet de hele dag in de keuken wil staan kan je met je feestvolk ook afspreken dat elk voor een schoteltje zorgt en voor een party potluck gaan. Variatie troef en voor elk wat wils.

  1. Minder verspilling

Overdaad schaadt. Zelfs tijdens de feesten ga je beter voor less is more en verkies je kwaliteit boven kwantiteit om na deze goedgeefse dagen niet met een financiële, ecologische en fysieke kater achter te blijven. Dagen na elkaar licht tafelen hou je veel langer vol. Bereken je porties realistisch. Heb je toch nog lekkers over? Vries verse waren in, verwerk restjes de volgende dag in de lunch of geef je gasten een portie mee naar huis.

  1. Feesten zonder beesten

Veggie feestmenu’s (check www.eva.be) genoeg deze dagen. Wie een stukje vlees mist, gaat beter voor een kerstkalkoen dan voor een portie koe. De CO2-uitstoot voor 1 kg rundsvlees loopt op tot 40 kg. Kan je het toch niet laten, hou het dan ook hier lokaal en puur. Koop bij een kleinschalig bedrijf en kies voor onbewerkt vlees. Zo vermijd je allerhande artificiële toevoegingen en ook alweer verpakking. Voor een stukje vis check je best eerst de duurzaamheid én het seizoen. (www.goedevis.nl en www.visinfo.be

  1. Eten uit het seizoen

Seizoensprodukten zijn lekker, duurzaam en gezond. Bovendien steun je lokale boeren en bedrijven. Keus genoeg trouwens. Bioverkooppunten in je buurt vind je hier. (www.biovanbijons.be) Check de groentekalender voor het aanbod en laat je inspireren door Lekker Ecologisch voor een heerlijke verwerking. Wil je toch eens de tropische tour op, ga dan voor Fairtrade produkten. Zo zorg je er ook op afstand voor dat de boer zijn verdiende loon krijgt.


Linzenpaté met uienconfit

Ingrediënten:

Voor een flinke bokaal linzenpaté

100g bruine, gele of groene gedroogde linzen – 1 preistengel (ook het groen) versnipperd - 3 tenen look versnipperd - 1 el groentebouillon - pezo -1 tl nootmuskaat – 4 el olijfolie

Voor een bokaal uienconfit

4 rode uien, 100 ml appeldiksap, 100ml balsamicoazijn, 2 kruidnagels, 1 blad laurier, 1 takje tijm, 1 snuif chilipoeder, 1 tl kaneelpoeder, 1 tl cardamompoeder, 1 tl korianderpoeder, peper en zout, 1 el geraspte gember, olijfolie

Voor de uienconfit

Snijd de uien in ringen. Verwarm een pan met olijfolie. Fruit de uien tot ze glazig zijn. Blus met de balsamicoazijn. Voeg appeldiksap, kruidnagels, laurierblad, tijm, chilipoeder, kaneelpoeder, cardamompoeder, korianderpoeder en gember toe. Smaak af met peper en zout.

Voor de linzenpaté

Meng 1 el groentebouillon in ½ l water. Kook de linzen in de bouillon helemaal gaar. Giet af. Fruit de versnipperde prei met de knoflook in de olijfolie. Voeg de linzen toe. Voeg 3 el olijfolie toe en mix het geheel tot je een smeerbare paté hebt. Smaak af met nootmuskaat en pezo. Bak eventueel 20 min op 180°C (maar kan evengoed als smeerpaté). Maak toastjes van stevig brood en beleg met de paté. Werk af met de uienconfit.


Wat krijg je vandaag nog op je winterbord?

  • Vandaag deelt Julie van Julie’s flavours haar favoriete winterbordje met ons!
  • Meer lekkere belegjes voor feestelijke toastjes vind je in ons boekje Ecosmos.

Zoete groentetaarten

Reacties (0)

Ik heb lang vastgehouden aan het recept van een klassieke quatre quarts om cake te bakken. Dat geeft immers houvast: van alle hoofdingrediënten doe je er precies even veel in en succes is gegarandeerd. Toen ik minder suiker en zuivel begon te eten, zocht ik naar manieren om het suikergehalte in een cake naar beneden te halen. Experimenten met honing, bananen en ander zoet fruit draaien telkens op een fiasco uit omdat ik wilde vasthouden aan het principe van die vier delen. Pas toen ik bananenbrood leerde bakken, had ik het principe beet en besefte ik dat ik oude recepten best volledig overboord zou gooien als ik nieuwe gerechten wilde maken.

Weg dus oud quatre quart-recept, welkom nieuwe recepten. En zo leerde ik cake bakken met bananen, appelmoes, maar ook groenten als pompoen, wortelen en … pastinaak! Pastinaak geeft immers een zoete smaak aan de cake en de vezels zorgen voor een lekkere structuur. Mijn jongste zoon Victor is een erg moeilijke eter. En met een avontuurlijke mama (in de keuken dan toch) heeft hij het vaak zwaar te verduren, want het is voor mij een constante zoektocht om groenten te verstoppen in gerechten, zodat hij wel zijn dagelijkse portie vitaminen binnenkrijgt. Victor is dus mijn ultieme tester: als hij de groente niet proeft, zit ze goed verstopt. En dit recept heeft de test doorstaan: hij vindt het lekker!


Wat heb je nodig voor 1 cake (uit een standaard langwerpig bakblik)?

150 gr niet-geraffineerde rietsuiker -150 gr olijfolie - 4 eieren - 200 gr pastinaak (schoongemaakt gewicht) - 150 gr speltbloem - 3 tl speculaaskruiden - de schil van 1 biologische sinaasappel - 1 tl wijnsteenbakpoeder - 1 tl baking soda

  • Verwarm je oven voor op 180°C.
  • Meng eerst alle droge ingrediënten en voeg er daarna de eieren en de olijfolie aan toe. Laat je mixer even goed doorkloppen tot je een luchtig deeg krijgt.
  • Bak de cake in 40 minuten. Check even met een prikker dat er geen deeg meer aan kleeft. Dan is je cake goed.


Wat krijg je vandaag nog op je winterbord?

  • Vandaag deelt Barbara van I love eco haar favoriete winterrecept met ons!
  • Meer ecozoete gerechtjes vind je in ons boekje ‘Ecozoet’.
  • Kijk zeker ook naar het filmpje waarin Barbara en haar kinderen je verklappen hoe je een ecozoete pastinaakcake maakt.

Hartverwarmende winterslaatjes

Reacties (0)

Sinds wanneer hebben de lente en de zomer het alleenrecht op slaatjes? Ook in de winter kan een slaatje heerlijk smaken. Alleen verlangen we in onze wintersalade misschien iets meer naar stevige, voedzame en verwarmende ingredïenten dan in de zomer, maar dat kan geregeld worden!

Lauw en koud

Een salade hoeft helemaal niet te bestaan uit rauwe of koude bereidingen. Gestoomde, geroosterde of gebakken groenten kunnen prima lauw worden verwerkt in een winters slaatje. Pompoen, rode biet, wortel en raapjes zijn toppers. Of wat dacht je van een warme vinaigrette? Je kunt stroop of jam gebruiken als basis. Het contrast tussen de lauwe en koude ingrediënten maakt van je salade trouwens meteen een bijzondere smaakervaring.

Ook al is de winter geen fruitrijk seizoen, laat dat de saladepret niet bederven. Ga aan de slag met gedroogde vijgen, abrikozen of dadels voor een warme zoete toets. Je kan dit gedroogd fruit ook even laten wellen en er een vinaigrette van maken.  De winterse bewaarappeltjes mogen dan al wat melig worden, ze laten zich prima bakken of grillen met honing voor een lekker en heel mooi accent in je slaatje.

Volwaardige maaltijd

Oud brood belandt in de ecologische keuken niet in de vuikbak. De winterslaatjes zijn in hun nopjes met warme broodcroutons. Je kan ze bakken met een beetje mosterd voor een pittig effect.

Wil je van je salade een volwaardige voedzame maaltijd maken, voeg dan wat peulvruchten en granen toe. Gebakken kikkererwten zijn een heerlijke lekkernij en concurreren moeiteloos met spekblokjes. De lichte korrel van quinoa mengt zich perfect met een salade van geraspte of versnipperde groenten. Dat geldt ook voor groene linzen. En die zorgen meteen voor een diepe warme kleur. Prachtig in combinatie met gebakken pompoen of geraspte rode kool.

Want ja, het oog wil ook wat. En met de feestdagen voor de deur mag het best iets meer zijn. Zorg dus voor voldoende kleurschakering en verschil in textuur (tip: gebruik eens een mandoline). Gooi je ingrediënten niet lukraak op een bord maar schik je salade met liefde voor je gasten. Plaats de grotere en zwaardere  elementen onderaan of achterin je bord of kom en werk af met klein en lichter materiaal zodat je slaatje niet als een pudding in elkaar zakt. Zorg dat er steeds een gevoel van luchtigheid bewaard blijft in de opbouw. En geniet!


Geroosterde rodebietensalade met spruitjes, peperkoek en geitenkaas

Nodig voor vier:

400g rodebiet - 20 spruiten - 100g pijnboompitten - 150g geitenkaas - 4 el balsamicoazijn - 4 plakken peperkoek - 1 tl honing - ½ tl chilipoeder - 1 tl currypoeder - 1 el sojasaus - 1 tl mosterd - olijfolie - peper en zout

Verwarm de oven voor op 180°C. Schrob de rode bieten schoon. Verwijder kroontjes en staartjes en snijd in stoere blokken. Schik de stukken rode biet in een ovenschotel en besprenkel met olijfolie en 2 el van de balsamicoazijn. Voeg ¼ tl chili, 1 tl curry en 1 el sojasaus toe. Meng alles goed door elkaar zodat de stukken rode biet volledig ingeolied zijn. Plaats in de oven en rooster gedurende 40 minuten (of tot de bieten zachtgaar zijn). Hussel de bieten regelmatig even door elkaar.

Maak de spruitjes schoon. Verwijder eventueel vuile blaadjes. Snijd de spruitjes in hele dunne plakjes.Bestrooi ze met een snuif zout en masseer ze zeven. Plaats opzij. Rooster de pijnboompitjes in een hete droge pan tot ze goudgeel zijn en geuren. Plaats opzij. Snijd de peperkoek in dobbelsteentjes en bak met een gulle scheut olijfolie in een pan tot ze krokant worden. Let op dat ze niet zwart worden! Zet opzij. Meng 3 el olijfolie met 2 el balsamicoazijn, 1 tl mosterd, een ¼ tl chili en 1 tl honing. Breng op smaak met peper en zout.

Schik in elk bord een handje veldsla. Schik de blokken rode biet ernaast. Strooi wat spruitjes over de salade. Werk af met vlokken geitenkaas, peperkoekcroutons en pijnboompitjes. Dresseer de balsamicovinaigrette over de salades.


Wat krijg je vandaag nog op je winterbord?

 

(C) Foto's: Leentje Speybroeck

Lof aan kool en knol!

Reacties (0)

Vind jij kolen en knollen saaie groenten? Weet jij vaak niet meer hoe je ze moet verwerken tot iets lekkers? Smaken al je kool- en knolschotels even flets? Dan is het hoog tijd voor een frisse wind!  Met een paar nieuwe smaakmakers en bereidingstechnieken geef je je kool of knol telkens weer een andere smaak en beet. Zo gaan die kolen en knollen nooit meer vervelen.

Koken, bakken of rauw?

Het is pas als je ze stooft of kookt dat kolen hun typische kool- en knolsmaak krijgen. Daar is eigenlijk helemaal niks mis mee want met de juiste smaakmakers zoals kaas, room en nootmuskaat maak je hier heerlijke gerechtjes mee. Minder bekend maar niet minder lekker is een crème of mousse van gekookte raapjes, knolselder of wittekool en gestoofde appeltjes met wat boter en room. Zeker eens proberen!

Rauw smaken kolen en knollen compleet anders. Ze zijn sappig, fris en zoet en hebben een heel leuke krokante beet.  Doordat ze zo hard zijn, kan je ze heel makkelijk raspen en fijn snijden als basis voor tal van slaatjes. De frisse kant van kool en knol doet het prima met smaakmakers als appelazijn, gedroogde vijgen en abrikozen, appel en peer maar ook met geroosterde noten, pitten en zaden. Door de stevige aard van deze groenten, kan je deze slaatjes makkelijk mintens  een week bewaren in de koelkast.  

Als je kolen en knollen wokt of bakt, krijgen ze dan weer iets pittig en nootachtig. Combineer ze eens met sojasaus, sesamzaadjes, look, gember en rijstazijn voor een verrassend nieuwe smaaksensatie. Of maak eens een koolsteak. In de States noemen ze dit cowboygerechtje ‘beef cabbage’! Snijd een witte kool in dikke plakken (hart niet verwijderen, anders vallen de bladeren uit elkaar), wrijf ze in met olijfolie, geperste look en kruiden naar keus (curry, paprika en komijn vormen een topcombi!) en laat roosteren in de oven. Tussen een broodje met ketchup, gebakken uitjes en augurkjes een heerlijke veggie burger! Ga dus deze week gerust zelf aan de slag en verklap ons in de comments hoe jij een feestje maakt van je kolen en knollen!


Koolsteakburgers

Voor vier:

4 dikke plakken witte kool - 5 el olijfolie - 1 tl paprikapoeder - peper en zout - 2 tenen look - 1 tl komijn - 1 tl curry - 1 el sojasaus - 1 tl worcestersaus - 1tl ahornsiroop - 1 el ketchup - ½ tl chilipoeder

Verwarm de oven voor op 180°C (geen heteluchtstand).

Snijd 1 cm dikke plakken van een wittekool. Let op dat je het hart niet eerst verwijderd, anders vallen de bladeren uit elkaar. Maak een sausje van de olijfolie, komijn, curry, paprikapoeder, worcestersaus, sojasaus, ketchup, chili en de geperste tenen look. Vet een ovenschotel in met olijfolie en wrijf de plakken kool in met het kruidige oliemengsel. Plaats gedurende 30 minuten in de oven. Keer de plakken elke 10 minuten even om.

Serveer op een krokant warm burgerbroodje met barbecuesaus, augurkjes, geraspte wortel, geraspte rode biet en veldsla.


Wat krijg je vandaag nog op je winterbord?

5 tips voor de lekkerste ovenschotels

Reacties (0)

Ovenschotels zijn niet alleen winterkost bij uitstek, ze passen ook nog eens prima in een duurzaam eetpatroon. Allerlei restjes vormen immers een prima basis voor dit snel en makkelijk gerecht. Plan daarom regelmatig een ovenschotel in aan het einde van de (werk)week. Zo gaat niks verloren. En ook je portemonnee is daar blij mee. Door een eenpansgerecht te bereiden, spaar je bovendien tijd én energie. Niks dan voordeel dus.

Gelukkig bestaan er geen regels voor het maken van een geslaagde ovenschotel en kan je je creativiteit dus de vrije loop laten maar met deze vijf tips om van je ovenschotel een echt succes te maken.

  1. Een ovenschotel is pas echt lekker als hij tegelijk stevig en smeuïg is. Zorg dus dat je bij de samenstelling voldoende afwisselt tussen droge en natte ingrediënten. Bijvoorbeeld puree met een groentestoofpotje, pasta of rijst met een groentesaus
  2. Als je ovenschotel een volledige maaltijd is, zorg je best voor een evenwicht in voedingswaarde. Voorzie ¼ aan eiwitrijke (zoals peulvruchten, seitan, tofoe) en ¼ aan koolhydraatrijke producten (zoals granen, pasta of aardappelen) en vul verder aan met verschillende soorten groenten.
  3. Een van de meest geliefde ovenschotels is de laagjesschotel (type duikboot). Deze ovenschotel is niet alleen gevarieerd, lekker en mooi maar zorgt ook voor een verrassingseffect door de combinatie van de verschillende laagjes. Voorzie ook hier zeker een sauzige laag voor voldoende smeuïgheid
  4. Ovenschotels met puree krijgen meteen meer karakter als je er groenten in verwerkt. Denk maar aan boerenkool-, wortel-, knolselder of pastinaakpuree.
  5. Geef je je ovenschotel graag een krokant korstje? Laat je oude brood drogen en maal het tot paneermeel. Meng het paneermeel met peper en zout, voeg wat pitten, zaden of kruiden toe zoals sesamzaad en peterselie en strooi dit over je gevulde schotel. Werk af met hier en daar een klontje boter en schuif in de oven. Plaats eventueel nog een paar minuten onder de grill voor je de schotel opdient.

Jagersschotel van prei, spruit, pastinaakknolselderpuree en rokerige seitan

Pastinaakknolselderpuree

1 knolselder - 3 stevige pastinaken - Olijfolie - Nootmuskaat - Sojaroom - Gistvlokken - Peper en zout

Schil de knolselder en de pastinaken en snijd deze in grove stukken. Stoof ze een 5-tal minuten in een bodempje olijfolie. Zet daarna de groenten onder water en kook ze gaar met een snuif zout. Giet de gekookte pastinaak en knolselder af en prak ze tot een puree samen met nootmuskaat, een geut sojaroom, 1 eetlepel gistvlokken, peper en zout. Het moet een smeuïge puree zijn maar ook weer niet té lopend.

Rokerige seitan

2 doosjes van 200 gr bio seitan gehakt (kan je kopen in de Biowinkel of de Delhaize) Vind je geen seitangehakt, dan kan je seitan ook gewoon malen - Gerookt paprikapoeder - Sojasaus - Chilipoeder - Olijfolie

Verhit een pan en doe er een geut olijfolie in. Bak de seitan op een hoog vuur en strooi er een halve koffielepel gerookt paprikapoeder over plus een mespunt chilipoeder. Laat de warme seitan kort sissen met een geut sojasaus. Zet aan de kant.

De preispruitlaag

600 gr spruiten - 4 stevige stengels prei - Selderzaadjes (te koop bij de betere kruidenier) - Sojasaus - Olijfolie of kokosvet - Peper en zout

Maak de spruiten schoon. Stoof ze even in een bodem olijfolie. Doe er daarna enkele eetlepels water bij, zet het deksel op de pot en kook ze gaar (ongeveer 10 minuten). Zorg dat ze net gaar zijn maar zéker nog stevig. Snijd de prei in dunne reepjes. Verwarm een wokpan, doe het kokosvet erin en wok de prei op een hoog vuur. Blus met sojasaus en kruid af met peper en selderzaad.

Neem een ovenschotel. Wrijf de bodem in met een klein beetje olijfolie. Leg de preispruitlaag op de bodem. Leg er vervolgens een laag seitan op. De bovenste laag van de ovenschotel is de pureelaag. Bestrooi met gruyèrekaas (of vegan kaas) en zet 25 minuten in een voorverwarmde oven van 180 graden.


Wat krijg je vandaag nog op je winterbord?

  • Vandaag deelt Reine van De Groene Prinses haar favoriete winterbordje met ons!
  • Nog meer winters  lekkers vind je in ons tweemaandelijks magazine ‘Seizoenen’.
  • Bekijk zeker ook het filmpje van de workshop ovenschotels  op onze facebookpagina.

Winterse groenten, warme kost

Reacties (0)

Niet iedereen verwelkomt winterse groenten met evenveel enthousiasme. De aardse smaken van raapjes, rammenas en rode biet slikken velen onder ons met lange tanden door. Ook de vele leden van de kolenfamilie worden regelmatig op een zucht getrakteerd. Spruitjes en rodekool mogen dan voor veel kleine eters een zeker nachtmerriegehalte hebben, bij het bezoek van witte kool, savooi- en boerenkool weten wij grote mensen soms gewoon niet meer wat te verzinnen. Tegen het eind van de winter komen de wintergroenten ons dan ook al eens de oren uit.

Een feestje met wintergroenten

En dat is nou jammer! Want wintergroenten mogen op het eerste zicht een wat ruig en ontoegankelijk karakter hebben, dat hoeft de culinaire mogelijkheden echt niet te beperken. Per slot van rekening is het juist dat karakter dat hen zo stevig en daardoor lang en makkelijk bewaarbaar maakt.

Nodig ze dus van harte uit want ze hebben meer in hun mars dan je dacht. In combinatie met de juiste smaakmakers en met enkele creatieve kooktechnieken toveren we deze groenten om tot telkens weer nieuwe hartverwarmende gerechten die ons de nodige veerkracht bieden om de koude dagen heelhuids door te komen. Van een romige wintersoep tot een sappig winterslaatje, van een dampende ovenschotel tot een stevige stoofpot: de winterkeuken heeft het deze week allemaal voor jullie in petto! Zo blijft de winter tot de lente smaken!

 

Savooitarteletjes met een slaatje van geglaceerde koolrabi (voor 4 pers.)

Voor de tarteletjes

200g volkoren meel - 1 tl olijfolie - 1 tl zout - 1 tl sesamzaad - 2 el lauw water

Voor de liaision

1 el graantjesmosterd - 2 eieren (of een eivervanger voor de vegans) - 200 ml sojaroom - peper en zout - 1 tl nootmuskaat

Voor de vulling

1/4 savooi - 1/2 ui - 200g seitan - 1 teen look - peper en zout

Voor het slaatje

400g veldsla - 100g winterpostelein - 4 el granaatappelpitjes - 4 el gehakte geroosterde hazelnoten - 1 el balsamicoazijn - 1 el olijfolie

Voor de koolraap

200g koolraap - 1 el mosterdzaad - 1 tl curcuma - 1/2 tl gemberpoeder - 1/2 tl cardamompoeder - 1/2 tl korianderpoeder - sap en schil van een halve sinaasappel - 1 tl sojasaus - 1 el ahornsiroop - peper en zout

Snijd de ui, seitan en savooi in reepjes. Versnipper de look. Bak de ui en de seitan met de look goudbruin. Voeg de savooi toe en roerbak 5 minuten. Smaak af met peper en zout. Doe in een vergiet en laat uitlekken en afkoelen.

Verwarm de oven voor op 180°C. Meng alle ingrediënten voor het deeg en kneed drie minuten. Vet minitaartvormpjes in en bebloem ze. Verdeel het deeg in vier stukjes en rol cirkelvormig uit. Bekleed de vormpjes ermee.

Kluts de eieren met de room, de nootmuskaat, de mosterd en peper en zout

Doe in elk vormpje wat van de savooi-seitan-ui vulling. Giet vervolgens in elk vormpje wat liaison. Druk met je handen de vulling aan zodat die goed vochtig is. (Anders brandt de kool aan)

Plaats gedurende 20 minuten in de oven of tot goudgeel. Als je met een vork in de tarteletjes prikt moet die schoon blijven. De liaison moet volledig gestold zijn.

Snijd de koolraap in dobbelsteentjes. Blancheer ze tot ze zachtgaar zijn. Dit kan makkelijk 10 minuten duren. Koolraap is heel hard. Giet af en spoel koud. Verwam een pan met olijfolie. Voeg de koolraap toe en bak de blokjes goudbruin. Voeg alle andere ingrediënten toe en laat sudderen tot het vocht stroperig wordt en glanst. Smaak af met peper en zout.

Dresseer vier borden met  de veldsla op een bord met de blokjes koolraap, de geroosterde hazelnootjes en de granaatappelpitjes. Werk af met een paar druppels balsamico en olijfolie.

Haal de tarteletjes uit hun vormpjes en plaats ze op de borden.

Wat krijg je vandaag nog op je winterbord?

Advertenties

Boeken van Velt

Ledenvoordelen

  • 6 keer per jaar ons tijdschrift Seizoenen
  • Leuk welkomstpakket
  • Korting op boeken van Velt
  • Korting in ruim 150 bio- en ecowinkels
  • Grote korting met onze jaarlijkse Velt-zadenactie
  • Uitnodigingen voor interessante activiteiten in je buurt
  • Toegang tot het online Seizoenen-archief
  • Je ontvangt onze tweewekelijkse nieuwsbrief

Word lid

Seizoenen

In ons tweemaandelijks tijdschrift Seizoenen brengen we telkens meer dan 40 pagina's over ecologisch tuinieren, koken en leven. Ook heel wat praktische tips voor je moes- en siertuin.

Word lid en ontvang Seizoenen